Op zaterdag 25 april stelde Vlaams minister Hilde Crevits in de Sint-Jozefskerk in Roeselare de eerste volledige analyse voor van de Vlaamse kerkenbeleidsplannen. Voor het eerst hebben we een volledig beeld van ons religieus patrimonium en wat de lokale besturen ermee willen doen.
De cijfers spreken voor zich. Van de ongeveer 1.600 Vlaamse parochiekerken staat minder dan 7 procent leeg. Tachtig procent heeft nu al een nevenbestemming, als ontmoetingsruimte, bibliotheek of muziekacademie. Dat aandeel kan volgens de plannen stijgen tot 97 procent. Slechts 9 kerken nemen sloop in overweging. De cijfers getuigen van een patrimonium dat leeft.
De Sint-Jozefskerk in Roeselare illustreert die evolutie. De kerk werd in 2014 ontwijd. Vandaag huisvest ze een architectenbureau en worden regelmatig evenementen en lezingen georganiseerd. Zo wordt er geregeld een Repair Café op poten gezet. Zo blijft het een plek die mensen samenbrengt.
Nevenbestemming als logische keuze
Minister Crevits sprak een duidelijke voorkeur uit voor nevenbestemming boven volledige ontwijding. Een kerk die op zondag dienstdoet en doordeweeks ruimte biedt aan een buurtwerking of culturele activiteiten, is zeker complementair. Het is efficiënt omgaan met wat generaties voor ons hebben gebouwd.
Bisschop Lode Aerts van Brugge zag zaterdag ook een positieve tendens. Kerkfabrieken en bisdommen tonen engagement om mee te werken aan multifunctioneel gebruik.
Plannen zijn nog geen uitvoering
Veel plannen zitten uiteraard nog in onderzoeksfase. De uitvoering is soms delicaat. Ze raakt aan honderden vrijwilligers, aan lokale gemeenschappen, aan gelovigen die hun kerk kennen als meer dan een gebouw.
West-Vlaanderen scoort daarin opvallend: het is de provincie waar het minste kerken in aanmerking komen voor potentiële herbestemming. Dat vraagt de komende jaren extra aandacht van lokale besturen en kerkfabrieken.
Vlaanderen wil geen leegstand in zijn kerken. Voorzien in renovatie en herinrichting kost geld, maar leegstand kost meer. De keuzes die steden, gemeenten en kerkfabrieken vandaag samen maken, bepalen voor decennia wat die gebouwen betekenen voor de buurten en kernen waarin ze gelegen zijn. De Vlaamse plannen vormen daartoe alvast een stap in de goede richting.
Kris Declercq, burgemeester van RSL